Skip to main content
It looks like you're using Internet Explorer 11 or older. This website works best with modern browsers such as the latest versions of Chrome, Firefox, Safari, and Edge. If you continue with this browser, you may see unexpected results.

Voeding & Diëtetiek Literatuuronderzoek: Zoektermen

Zoekschema

Uitgaande van een eerste zoekterm kun je meer termen bedenken door het onderstaande schema zo ver als mogelijk in te vullen. Met woordvarianten wordt bedoeld enkelvoud/meervoud, zelfstandig/bijvoeglijk gebruikt en werkwoordsvervoegingen, bijvoorbeeld: migration, migrations, migrate, migrating, migrated.
En dan heb je ook nog afkortingen (ADL / Algemene dagelijkse levensverrichtingen). Er zijn geen zoekmachines die automatisch op al deze varianten zoeken.

Los van al deze termen die samenhangen met je hoofdterm kun je ook nog termen bedenken die op een of andere manier je onderwerp verder inkaderen:

  • personen of organisaties die iets met je onderwerp te maken hebben
  • termen die een precisering in de tijd, ruimte (periodes, eeuwen, plaatsnamen, landen) aanduiden
  • termen die een bepaalde wetenschappelijke benadering, stroming of methode aanduiden

 Universiteit Utrecht

Opdracht: Zoektermen vaststellen en het zoekschema invullen

 

  • Filter uit je zoekvraag de belangrijkste termen waarop je wil zoeken en zet deze bovenin het zoekschema.
  • Zoek bij elk van deze termen waar mogelijk: synoniemen / verwante termen / bredere termen en nauwere termen.
  • Zoek ook op Engelse synoniemen /  ... enzovoorts.
  • Noteer de gevonden woorden in het zoekschema.

Tips voor het bedenken van zoektermen

  1. Welke trefwoorden komen als eerste in je op wanneer je aan je onderwerp denkt? Noteer deze
  2. Gebruik Wikipedia, vakmatige encyclopedieën en reeds gevonden literatuur om de belangrijkste begrippen bij een onderwerp te achterhalen
  3. Denk "in termen van" het te vinden stuk: bedenk hoe datgene wat je zoekt, verwoord zal zijn (en in welke taal het staat) in het stuk dat je hoopt te vinden.
  4. Denk aan de verschillende soorten zoektermen: synoniemen, vertalingen, bredere en smallere termen etc..
  5. Corrigeer je zoektermen een paar keer naar aanleiding van wat je ziet in de zoekresultaten. Zo krijg je een grotere 'vangst' en minder 'bij-vangst' van niet-relevante stukken.
  6. Maak gebruik van hulpmiddelen die in veel zoeksystemen beschikbaar zijn (suggesties, indextermen, thesaurus e.d.)

 Universiteit Utrecht