Skip to Main Content
It looks like you're using Internet Explorer 11 or older. This website works best with modern browsers such as the latest versions of Chrome, Firefox, Safari, and Edge. If you continue with this browser, you may see unexpected results.

Werkatelier Informatievaardigheden: Stap 2: Een zoekvraag formuleren

Het formuleren van een zoekvraag

Vanuit je probleemstelling kom je tot een zoekvraag. Dit kan één zoekvraag zijn of een zoekvraag (hoofdvraag) die onderverdeeld is in deelvragen. Voortbordurend op ons eerdere voorbeeld kun je tot de volgende hoofdvraag komen:

“Wat zijn de effecten van het gebruik van sociale media in het hoger onderwijs op het leergedrag van studenten?”

En tot de volgende deelvragen:

  • Is dit effect hetzelfde bij jongens en meisjes?
  • Is dit effect internationaal vergelijkbaar?
  • Zijn er verschillende effecten waarneembaar per sociaal medium?

Een zoekvraag kan zowel open als gesloten zijn. Een gesloten vraag kun je in de meeste gevallen alleen met ja/nee/misschien beantwoorden. Open vragen leveren meestal concrete, feitelijke informatie op.

Voorbeeld van een gesloten vraag:

  • Maken studenten gebruik van sociale media in het onderwijs?
    Mogelijk antwoorden: Ja/nee/misschien/weet niet

Voorbeeld van een open vragen:

  • Welke sociale media worden door studenten gebruikt in het onderwijs?
    Mogelijke antwoorden: Facebook, Twitter, LinkedIn, etc..

Probeer een hoofdvraag op te stellen die bestaat uit drie elementen. Meestal zijn dit doelgroep, onderwerp en proces. In het voorbeeld zijn dit studenten, sociale media en leergedrag.

Het is belangrijk dat je jouw zoekvraag zo zorgvuldig mogelijk formuleert, omdat dit de kans vergroot dat je informatie vindt die voldoende relevant is voor de beantwoording van je zoekvraag.